Verkondiging op zondag 20 januari 2008 in de Boskapel te Muiderberg

1e lezing: Jesaja 49, 3.5-6
2e lezing: 1 Korintiërs 1, 1-3
evangelie: Johannes 1, 29-34

Beste mensen,

Ja, het kan natuurlijk niet anders dan dat ik u/jullie eigenlijk heel onpersoonlijk toespreek met de titel "mensen". Want u/jullie zouden vreemd opkijken als ik van te voren uw naam zou vragen, om dan bij de preek u/jullie bij die naam te noemen: "beste mevrouw Jansen -, beste mijnheer de Wit" enz. En nóg persoonlijker zou het worden als ik daar bij ook nog uw/jullie voornaam zou vermelden. Dit lukt alleen maar bij bijvoorbeeld een huwelijk, een uitvaart of een andere familieviering.

Toch is de bedoeling van een preek om iets te zeggen wat u/jullie peroonlijk aanspreekt. Wat heeft u er aan als bijvoorbeeld een mooi verhaal wordt verteld, waarvan u dan achteraf zou zeggen: "Mij persoonlijk doet het eigenlijk niets! Een gesprek onder vier ogen -, voor mij persoonlijk dus, kan mij misschien duidelijker maken wie ik precies ben, en wat er van mij gevraagd kan worden!"

Dat is een heel juiste opmerking. Maar de verwezenlijking daarvan is vaak moeilijk, en zelf moeten wij maar uitzoeken wat er van ons gevraagd wordt. Voor iemand die gelovig wil zijn, is het dan de vraag: "Wat wil God van mij?"En als God voor ons te ver af staat: Wat vraagt Jezus van mij?" Als wij dáárop een antwoord vinden, kunnen wij zeggen dat wij onze roeping hebben gevonden.

Die roeping vinden èn die roeping volgen is eigenlijk een kwestie van levenswijsheid. En die krijg je niet zomaar. Door alles wat wij meemaken -, door alles wat wij te verwerken krijgen -, door mensen te ontmoeten die een voorbeeld voor ons zijn, en die wij willen navolgen: mensen dus die ons als het ware persoonlijk aanspreken. Als je een kind vraagt: "Wat wil je later worden wanneer je groot bent?", dan weet hij/zij het natuurlijk nog niet precies. Van de een-op-de-andere dag kan het antwoord daarop veranderen. Wat iedereen natuurlijk graag wil is: gelukkig worden. Maar wanneer ben je gelukkig? Velen denken dan aan rijk worden, aan een machtige positie bereiken. Dan kan het echter gebeuren dat zij iemand ontmoeten -, of iemand bijvoorbeeld op de televisie zien, die het grootste geluk vindt in "het gelukkig maken" van anderen, zonder daar financieel rijk van te worden. Sommigen worden daardoor dan zó gegrepen dat zij iets dergelijks als hun roeping zien: mensen helpen. Véél mensen misschien. Maar het kan óók al dat jongeren ontdekken dat zij voor hun eigen omgeving behulpzaam kunnen zijn. Of dat ouders door hun menslievende houding aan hun kinderen leren om ook zo iets te doen.

Wat je wilt worden komt soms zo maar op je weg. Je wordt meer en meer "wie je echt bent" door alles wat je meemaakt. En door de conclusies die je daaruit - naar beste weten - zult trekken. Je groeit dan stilaan naar je aller-eigenste bestemming. Je wordt meer en meer mens naar Gods bedoeling. Je vindt dus je roeping. Je voelt je geroepen.

Jezus heeft zichzelf herkend in de gestalte van Gods dienaar. Tijdens zijn Doop is de Geest op Hem neergedaald, toen Hij dus ongeveer dertig jaar oud was. Hij heeft toen zijn roeping verstaan, zoals dat vandaag bij Jesaja wordt gezegd: "Mijn dienaar zijt gij: niet alleen om Jacobs stammen op te richten en de rest van Israël terug te brengen. Ik, God, maak u ook tot een licht voor de heidenen, zodat mijn heil tot de grenzen der aarde zal gaan."

Jezus heeft dit programma met grote bevlogenheid ten uitvoer gebracht, zonder daarbij ook maar te denken aan de gevaarlijke kanten daarvan voor zijn leven: omdat Hij ook zo velen ontmoette die Hem niet konden volgen, en Hem niet begrepen.

Ook wij vervolgen, evenals Jezus, onze weg door het leven. Ook wijzelf horen in ons hart de naam die God ons toebedacht. Ook wij mogen onze roeping verstaan om "mensen van licht" te zijn, hoe duister het ook om ons heen kan zijn. Want ook in ons woont Gods Geest, zoals in Jezus. Ook wij zijn geroepen tot liefde en licht dat wij kunnen verspreiden. Zo wordt beetje bij beetje het aanschijn der aarde vernieuwd.

De meesten van ons zullen dit zeker alleen nog maar in eigen omgeving kunnen doen. Maar zolang er mensen zijn - elders ter wereld - die eveneens zo'n licht laten schijnen in hun omgeving, moeten wij er toch op vertrouwen, dat al die "druppels op een kokende plaat" toch het verwoestende vuur van haat en nijd - dan hier, dan daar - kunnen blussen en dat toch weer mensen daardoor gelukkig kunnen worden.

Alleen: die beelden (van gelukkige mensen) worden op de televisie helaas niet vertoond. Maar: wij willen toch allen geloven in de kracht van de liefde? Dat geve God!

Henk Samsom, emerituspastoor