Verkondiging op 14 december 2008 in de Laurentiuskerk te Weesp op de Derde zondag van de Advent.

1e lezing:  Jesaja 61, 1-2a.10-11
evangelie: Johannes 1, 6-8.19-28

Twee verhalen over twee profeten. Het Oude Testament – de Profeet Jesaja, het Nieuwe Testament – Johannes de Doper.  Ik geloof dat wij best wel wat profeten kunnen gebruiken in deze dagen van financiële crises, van de onwil om milieu problemen grondig aan te pakken om maar twee belangrijke dingen te noemen. En er zijn er meer als we tenminste bij onszelf te rade willen gaan.

Waarom geloof ik dat we best wat profeten kunnen gebruiken hangt natuurlijk ook af van wat wij onder “profeten” verstaan.Populair gesproken wordt het woord profeet gebruikt, ik zou zelfs zeggen misbruikt, als toekomst waarzeggers.

Wat zijn de echte eigenschappen van profeten – hoofdzakelijk twee –  die we ook tegen komen in de verhalen van Jesaja en Johannes de Doper.

Allereerst Profeten leven vanuit God.

En ten tweede – Ze hebben oog voor mensen.

Wanneer ik zeg – profeten leven vanuit God, komen wij ons eerste probleem tegen. Namelijk de meeste Nederlanders geloven niet meer, of nog nauwelijks in God. Ze kunnen bij woordje God zich moeilijk iets voorstellen – en wordt er veel gesproken over “Iets”.

Wij hier hebben wel iets met God. Zelfs heel veel. En dus wanneer gezegd word – profeten leven vanuit God – kunnen wij ons voorstellen dat profeten mensen zijn voor wie hun godsbesef een centrale rol speelt in hun doen en laten. Maar zoals ik al zei – de meeste Nederlanders hebben dat besef niet . Dus word het profetische van mensen zoals Jesaja, Johannes de Doper, en hedendaagse profeten niet of nauwelijks opgemerkt.

 Als tweede noemde ik – profeten hebben oog voor mensen. D.w.z. profeten zien wat er in mensen omgaat aan ellende, wanhoop, twijfel en verdriet, maar ze laten zich er niet door van de wijs brengen. Te midden van dit alles getuigen ze van een hoop. Een hoop waarnaar mensen, Nederlanders, naar verlangen, maar grotendeels niet delen. Omdat die hoop verbonden is met het godsbesef van de profeet, en dat is jammer. Deze hoop word gedeeld door  Jesaja, Johannes de Doper,  en zelfs door een hedendaagse beweging als Solidaridad. Ja, een beweging,  een organisatie kan ook profetisch zijn.

U hebt allemaal gehoord van Fair Trade. Twintig jaar geleden werd door de interkerkelijke ontwikkelingsorganisaties Solidaridad in gang gezet. Zij introduceerde Max Havelaar koffie in de supermarkt. Eerlijke koffie voor een eerlijke prijs. En na de koffie volgde de bananen, eerlijke kleding en nu de eerlijke mango.

Hoezo is Solidaridad een profeet? Omdat Solidaridad zich niet laat ontmoedigen door de groeiende kloof tussen arm en rijk. Neem nu het geval Nana in Burkina Faso in Noord Afrika. Nana verbouwt biologische mango’s. Samen met andere boeren richtte hij een coöperatie op. Door de goede samenwerking kunnen ze nu beter hun eigen belangen verdedigen. Zo krijgen hij en zijn collega-boeren een betere prijs voor hun mango’s. Nana is zeer gelukkig met het Fair trade concept. Hij schrijft, “Dankzij de Fair trade premie hebben wij een vrachtwagen kunnen kopen om de mango’s te vervoeren naar de lokale markt.” Maar dat is niet hete enige waar de vrachtwagen voor gebruikt wordt. Hij wordt namelijk ook gebruikt als ambulance voor de afgelegen dorpen, als transportmiddel voor grote groepen mensen; zelfs de gemeente gebruikt hem voor bijvoorbeeld het vervoeren van zand om de grote gaten in de weg te dichten. Fair trade zorgt er ook voor dat de mangoboeren voor het eerst een eerlijke prijs krijgen. Een prijs waarvan ze kunnen leven, een bestaan opbouwen. Niet alleen voor henzelf, maar ook voor hun kinderen. Die kunnen nu naar school en zo gloort er toekomst voor hun generatie. Op die manier werkt Solidaridad op menselijk niveau aan gerechtigheid.

De Bijbelse profeten die we vandaag hoorden, hebben veel gemeen: ze zijn gericht op gerechtigheid, eerlijke verdeling, zorg voor de zwakste. Dat doen ze omdat ze ervan overtuigd zijn dat dit alles met God van doen heeft. Geloven in God is gerechtigheid doen. Blijkbaar is het voor de profeten niet genoeg om de geboden zoals Gij zult niet stelen, eert uw vader en uw moeder, heilig de Sabbat enz. te onderhouden,.  Je zult ook je handen uit de mouwen moeten steken. Het is namelijk een illusie te denken dat eerlijke verdeling vanzelf dichterbij komt, zonder dat wij eerlijker prijzen gaan betalen voor producten elders uit de wereld, en dus iets moeten inleveren van onze welvaart.

Profeten, toen en nu, richten onze aandacht op nieuwe gerechtigheid, die er al is en die ook komen gaat. In kleine berichten in de krant kunnen we daar al over lezen - in daden van mensen en organisaties. Gerechtigheid wortelt in God. En profeten laten ons weten, dat gerechtigheid mogelijk is en dat het gebeuren zal: een wereld met andere verhoudingen, met kansen voor iedereen. Deze God wil ook in ons geboren worden.

Hoe dat te doen. Het antwoord is niet eenduidig. Ieder van ons zal zelf  moeten ontdekken wat er gevraagd wordt. Straks staat u in de winkel en koop u eerlijke mango’s, of bananen of koffie. Zo kunt u een bijdrage leveren aan eerlijke verdeling die zo nodig is. Het is één manier, maar niet de enige. Er zijn er nog veel meer. Wij kunnen de inzet van Fair trade, Solidaridad ondersteunen. We kunnen mensen die zich inzetten voor gerechtigheid, voor de zwaksten en voor  het milieu  ondersteunen, met onze aandacht, ons gebed, onze geldelijke bijdrage. Het is één manier, niet de enige.

Wat ons bindt is de drang naar gerechtigheid. Het is die drang die ons overeind kan houden, die de hoop in ons levend houdt. Wellicht is het een wankel evenwicht, maar toch…vol overtuiging brandt de derde kaars. Een lichtend baken op onze weg naar Kerstmis. En Kerstmis vertelt ons het verhaal van de geboorte van die ene mens Jezus, die liet zien dat God, zijn Vader is en onze Vader, en in ons geboren wil worden.

 Pater Jan Haen