Verkondiging in de Nachtmis op 24 december 2009, Hoogfeest van Kerstmis, in de Laurentiuskerk te Weesp

Eerste lezing : Jesaja 9, 1-3, 5-6
Tweede lezing : Titus 2, 11-14
Evangelie : Lucas 2, 1-14

Beste mensen,

Er is nooit zóveel licht in dorpen en steden als juist in de donkerste dagen van het jaar. Dan branden niet alleen de gewone lichtpunten die er alleen maar voor zorgen dat je de weg kan zien. Nee, in deze donkere dagen ziet alles er vrolijker uit door de soms uitbundige feestverlichting, vooral in de winkelstraten: zij willen tot uitdrukking brengen dat daar van alles te koop is. De hoop van de winkeliers is dan ook dat door al dat licht de mensen worden aangesproken, om heel ruim hun inkopen in huis te halen, waardoor de zaken er financieel weer beter voor komen te staan.

Maar waarom gebeurt dat juist - (bijna overal in de wereld) - rondom het Kerstfeest? Zeer velen weten daar niet het antwoord op: zij zien het als een algemeen afgesproken tijd om een reden te hebben het eens extra gezellig te hebben -, of om eens extra uit te pakken bij het diner -, of om eens een extra reis te maken (maar dan moet natuurlijk het vervoer wel goed op orde zijn).

Vanzelfsprekend zijn die leuke dingen in deze tijd helemaal niet af te keuren. Maar is dat de betekenis van het Kerstfeest?

Al dat licht -, al die vreugde is eigenlijk een symbool voor een ander licht -, voor een andere vreugde. Met Kerstmis vieren wij dat het Licht in de wereld kwam en sindsdien vreugde gebracht heeft aan alle mensen die in diepe duisternis zitten -, vreugde aan alle mensen die gevangen zitten in nood en ellende. En wat is dat Licht? Dat Licht is de persoon Jezus! Wat heeft Hij veel mensen die in diepe duisternis zaten -, die in de ogen van de "machtigen" geminacht werden -, die door wereldlijke en geestelijke leiders werden buitengesloten -, die niet meetelden, aangesproken: voor al die mensen zette Jezus zich in: om hun Redder te zijn, hun Licht, hun Trooster. Hij was degene die aan zogenaamde "niets-waardigen" de blijde boodschap bracht dat zij er helemaal bij hoorden -, dat zij in de ogen van God "lievelingen" waren. En de zogenaamde "machtigen" juist mensen die hun leven in dienst zouden moeten stellen van hun zogenaamde "minderen".

Die boodschap heeft Jezus niet alleen gepreekt, maar ten volle ook zelf in praktijk gebracht.

Zijn geboorte - die door toedoen van de machtige keizer Augustus (met zijn idiote besluit om een volkstelling te houden) niet "thuis" kon plaats vinden, maar in het verre Bethlehem (waar niemand onderdak had voor Jozef en Maria): de geboorte van dat kind Jezus vond plaats in een stal.

Die stal is dus al een symbool: Het Kind dat daar geboren werd, zou het later steeds opnemen voor de armen en geringen. Zeer velen van die "armen en geringen" hebben Jezus ontmoet, en zijn daarna steeds weer bemoedigd en getroost verder gegaan. Jezus heeft zijn leven totaal gegeven voor alle mensen in nood. En heeft dat met een martel-dood moeten bekopen.

Dus: "Over en uit"? Neen!

Het verhaal over Jezus is niet alleen maar een verslag van iemand die heel lang geleden geleefd heeft, en nu dus dood is. Wij geloven dat Hij leeft in Heerlijkheid bij de Vader. En dat Hij op aarde voortleeft in allen die trachten om in zijn geest te handelen, dus: ten bate van iedereen om hen heen, vooral ten bate van hen die het moeilijk hebben.

Tegenwoordig zijn er velen die twijfelen in hun geloof, òf zij noemen zich "ongelovig". Maar velen van deze mensen zetten zich toch volledig in voor hun medemensen, volledig belangeloos. Ook al komen zij nòg zoveel tegenwerking en teleurstelling tegen.

Ik durf over hen te zeggen dat "Jezus in hen leeft" ook al beseffen zij dat zelf niet. Waarschijnlijk zijn er vannacht ook hier zulke "ongelovige gelovigen". Jezus zal u/jullie zeker helpen! Zalig Kerstfeest!

Henk Samsom, emerituspastoor