Verkondiging op 3 en 4 april 2010, Hoogfeest van Pasen, in de Laurentiuskerk te Weesp

Eerste lezing: Handelingen 10, 34a,37-43
Tweede lezing: Kolossenzen 3, 1-4
Evangelie: Johannes 20, 1-9

Beste mensen!

Wat betekent "Pasen" nu eigenlijk voor heel veel mensen? In de reclame van de afgelopen dagen gaat het alleen maar over gezelligheid -, lekker eten en drinken -, extra vrije dagen -, vakantie enz. En na de Paasdagen zullen we wel weer horen hoeveel geld is besteed bij het winkelen. Een uitzondering op al dat gezellige vormt voor vele duizenden alleen de Matthaeus Passion, waarbij allereerst de prachtige muziek van Bach wordt geroemd. Onder de bezoekers daarvan speelt gelukkig ook het verhaal van Jezus' lijden en sterven vaak nog een belangrijke rol. Dát is ook wat alle mensen meemaken.

Maar daarna: de Verrijzenis van Jezus (dat Hij weer leeft). Dát is voor velen ondenkbaar. En dat is niet zo vreemd. Dat overkwam ook de personen uit het Evangelie van vandaag: Maria Magdalena, Petrus en Johannes die naar Jezus' graf gingen en ontdekten dat het geopende graf leeg was. Het kon gewoon niet anders dan dat het lichaam van Jezus was weggehaald: "en wij weten niet waar ze Hem hebben neergelegd". Er is bij hen nog niks blijs of jubelachtigs te bespeuren. En dan toch: "Johannes zag en geloofde". Maar wàt geloofde hij dan? Ja, dat staat er niet bij. De schemer is nog lang niet opgetrokken! Maar misschien was het toch tot Johannes doorgedrongen dat ergens geschreven stond dat Jezus uit de doden moest opstaan, èn dat Jezus daar ook met hen over had gesproken.

De eerste van de drie, die Jezus mocht ontmoeten, was Maria Magdalena: maar zij zag Hem eerst aan voor de tuinman. Wij kennen dat verhaal toen Jezus haar bij haar naam noemde. En de leerlingen van Jezus ondervonden later óók dat Maria Magdalena als eerste getuige van Jezus' verrijzenis de waarheid had gesproken. Van hun geloof hebben zij later vol enthousiasme getuigd: Jezus lééft!

Toen Hij niet meer zichtbaar bij hen was, voelden zij gewoon dat Hij ín hen leefde: doordat Hij Zijn Geest had geschonken. Méér dan vroeger - toen Jezus vaak nog een raadsel was voor hen - konden zij in Zijn voetstappen treden. Zij konden Zijn liefde uitdragen omdat diezelfde liefde nu ook ín hen was. Maar dat is niet alleen bij de leerlingen van toen het geval: als wij er voor openstaan leeft Jezus ook in ons, omdat Zijn Geest in ieder van ons kan werken.

- Liefde en begrip opbrengen voor onze medemensen, zoals Jezus dat voor ons deed: "yes, we can".
- Mensen helpen die in nood zijn: "yes, we can".
- Onderlinge twisten weer goed maken: "yes, we can".
- Niemand afschrijven omdat hij/zij "anders" is: "yes, we can".
- En vult u maar in waartoe wij allemaal in staat zijn om ons steentje bij te dragen voor de opbouw van een betere wereld, naar het voorbeeld van Jezus.

Als wij doen wat wij kunnen: dan ontdekken anderen in ons dat Jezus inderdaad nog leeft!

Waarom langer naar boven staren als de boodschap duidelijk is: opstaan hier en nu, aan de slag, het evangelie handen en voeten geven. Dat is wat Jezus bedoelde te zeggen èn vóór te leven. Hij is ons voorgegaan naar de Heer van alle leven. En Zijn opgaan, Zijn hemelvaart, houdt een hoopvolle belofte in voor ons allemaal.

Jezus gaat ons ook vandaag nog voor: dat is Pasen! Zijn licht breekt alle duisternis, zelfs het duister van de dood: opstaan uit de dood, dat is het meest concrete dat wij kunnen doen, elke dag weer. Opstaan: dus niet dulden dat mensen monddood worden gemaakt, uitgebuit, in de hoek getrapt, gekleineerd.

Daarom mag Pasen óns Paasfeest worden: een feest van hoop, van elkaar ontmoeten, van elkaar zien staan, ook als mensen die een ander steeds de kans geven om een echt menselijk bestaan te hebben.

Als wij het Evangelieverhaal van Jezus niet alleen lezen, maar in onszelf integreren: dan gaat er ook een licht branden in ons dat anderen kan verwarmen en begeesteren.

En dan krijgt Jezus' verhaal in veel medemensen een vervolgverhaal:

Dus: Jezus kan verder leven. Het gevolg daarvan: een Zalig Pasen in alle opzichten. Dat wens ik u/jullie allen, en mezelf, van harte toe. Óók namens mijn 2 collega's Jan.

Amen.

Henk Samsom, emerituspastoor