Verkondiging op 13 November 2011, Drie-en-dertigste zondag door het jaar, in de Nicolaaskerk te MuidenEerste lezing: Spreuken 31, 10-13.19-20.30-31,
Beste mensen
Trefwoorden die mij bijblijven na het doornemen van de lezingen en het evangelie zijn: vreemdelingen oftewel niet-gelovigen Groot hart Eigen kring Huis van gebed Alle volken
500 jaar voor Christus voorspelt Jesaja al de liefde, de barmhartigheid, en de ruimhartigheid van God over iedereen, “”alle volken”, die goed leeft, gelovig of niet. D.w.z. OOK over de “vreemdeling”of niet-gelovige. Weliswaar met een paar mitsen, maar toch.
Die mitsen zijn er drie: 1e die vreemdeling of niet-gelovige geeft ieder Ander zijn recht van leven 2e hij houdt zich aan de Tora 3e hij stelt zich menslievend sociaal op. Voor hem voor die vreemdeling, die niet-gelovige dus, heeft God een enorm groot hart. Hij neemt hem op in Zijn huis van gebed. Dat is al voorspeld in 500 voor Chrtistus.
Nu onze tijd: Vreemdelingen, een woord wat gemakkelijk vervangen kan worden door randfiguren, asielzoekers, emigranten, bootvluchtelingen, allochtonen. Ze belijden vaak een voor ons vreemd geloof, hebben andere, voor ons vreemde omgangsvormen, hebben andere, voor ons vreemde geuren en luchtjes, andere, voor ons vreemde feesten. Dat allemaal maakt dat zij letterlijk vreemd voor ons zijn, VREEMdelingen dus. Zien wij, als christen, als gelovigen, hen daarom als niet-gelovigen? Een groot deel van onze samenleving worstelt met de angst voor een overmatige aanwezigheid van vreemd-heid. Populair gezegd: wat de boer niet kent, dat vreet hij niet”. Op internationaal niveau hebben we hier voorbeelden van b.v. de hoge muur die Israel gebouwd heeft aan de Israelische/Palestijnse grens, het prikkeldraad, de politie-eenheden en honden die Amerika inzet aan de grens met Mexico. Op nationaal niveau hebben we minister Leers,die als een wijze Salomon Moet laveren tussen de vraag: wie sluit ik buiten, wie laat ik binnen, wie stuur ik terug? In ons pariculiere leven openbaart zich een enorme toename van Gamma-tuinhekken, Praxis schuttingen en van Intratuin buxushagen rondom voor - en achtertuinen. Dit duidt, behalve op een legitieme behoefte aan privacy, ook op bescherming van het eigene, op afweer, blijf weg van mijn terrein, daar wil ik geen vreemdheid. Nu hoeft u van mij niet meteen uw tuinen open te gooien, het gaat me meer om de tendens van afgrendelen, afpalen. Laten we onze gedachten in ieder geval niet afgrendelen, niet afpalen. Laten we geestelijk althans een open mind houden voor de ander, zowel in het groot als in het klein. Dan leven we in de mind van God. Hij oordeelt niet naar een kleur van de huid , niet naar een nadere manier van geloven, geen enkel gedrag is Hem vreemd. Hij oordeelt naar de aard van de mens, leeft hij goed of fout, leeft hij zoals God dat, ook aan de niet-gelovige, aan de vreemdeling heeft ingegeven d.m.v. een universeel, menselijk gevoel voor goed en fout. Ja, al gaat-ie in de fout, verdoemen zal Hij hem niet. Inzicht, inkeer maken de weg naar “boven”weer vrij.
Dit wordt nog eens bevestigd door het prachtige verhaal van het evangelie van vandaag. Wanneer een vrouw, een niet-gelovige, een vreemdeling, hem aanspreekt en hem wat vraagt, zwijgt Hij. Hij negeert haar. En als Hij dan eindelijk toch iets zegt, zegt Hij iets grofs: “Ik ben alleen maar gezonden tot de verloren schapen van het huis van Israel”. Met andere woorden: ik ben er niet voor niet-gelovigen, niet voor vreemdelingen. Zijn hele reactie klopt niet met het beeld dat wij tot nu toe van Hem hadden: de zorgzame, aandachtige en liefdevol betrokken Jezus. Hier denkt Jezus dus nog in termen van “wij”en “zij”. Wij de Joden en zij alle anderen. Dan, door het geloof en het vertrouwen dat zij uitspreekt en uitstraalt, herkent Jezus iets van zijn boodschap over eenzelfde geloof en een zelfde vertrouwen. Hij moet bekennen dat Zijn leer, Zijn naastenliefde zich dus niet beperken kan en niet beperken mag tot Zijn eigen volk.Zijn boodschap is bedoeld voor alle mensen, gelovig of niet gelovig. Tot dit inzicht gekomen, helpt Hij dan ook deze z.g. vreemdelinge door haar dochter te genezen.
Laten we proberen mild en wijs naar de ander te kijken, mild en wijs met de ander om te gaan, al is het maar met een fractie van dat enorme grote hart van God en van Jezus. Daarbij vandaag geholpen door de verhalen uit deze mis.
Amen Els Beudel, lid liturgiegroep |